Nederlands
Logé
Iemand die blijft slapen; een logeergast.
Engels: A house guest who stays the night.
‘We hebben dit weekend logés, dus de zolder is bezet.’
We have guests staying this weekend, so the attic is taken.
Zelf bedacht voorbeeld
Meervoud: logés.
Informeel · nog niet gecheckt
Zie ook: logeergast · gast
Verbeter deze pagina